Duiven

2012-12-27 18.04.25

Zo veelzijdig mogelijk, als het ware blauw, zwart, rood en wit samen zoals te zien in bovenstaand plaatje, die wil ik kweken.
Vlammen op de grote (inter)nationale klassiekers met ‘natuurbonken’, dat is het doel wat ik met mijn duiven nastreef. Om kop te vliegen op deze vluchten van 1100-1300 km, onder de wisselende omstandigheden die deze vluchten tegenwoordig kenmerken, moet je duiven hebben met een geweldig kompas, wilskracht om ’s in het duister door te zetten en spieren die bij meer dan 15 uur vliegen nog niet staken. De eerste duiven daarvoor heb ik gehaald bij wijlen Piter Beerda in Ter Idzard, wiens stam duiven geweldig veel liefhebbers in het zadel geholpen heeft. Bijzonder karaktervolle duiven die, mits goed geselecteerd, inzetbaar zijn op alle afstanden. Door de nauwe verwantschap zijn ze ook prima te kruisen tegen andere soorten. Dezelfde basis is het stevige fundament onder de topduiven van Jelle en Ultsje Jellema te Steggerda, voor wiens prestaties ik veel bewondering heb. Deze duiven vormen nu en in de toekomst de rode draad voor mijn hok, daarom zijn er inmiddels ook een flink aantal duiven uit het soort van Jellema om die basis te versterken. Vooral de toplijnen hebben mijn voorkeur, die onder zware omstandigheden vooruit kunnen vliegen, liefst in combinatie met het vermogen om op de overnachtvluchten ook een deel van de nacht mee te smokkelen. Dat duidt in mijn ogen namelijk op het vermogen om tenminste 15 uur aaneen te kunnen vliegen. De combinatie die ik maak is gebasseerd op deze stevige basis van de Jellema/Beerda’s, die een onverwoestbaar karakter en een hoge basisgezondheid meebrengen. Ik kruis ze met ‘oudHollands’ fondsoort, van oorsprong Van Wanroy’s, Aardens en Van der Wegens, veel meer de ‘hangers’ dus. Van Jouke Waterlander heb ik de eerste duiven van die oude lijnen gehad, ieder jaar probeer ik wel wat kruisingsmateriaal uit. Het liefst haal ik ze bij liefhebbers die zelf ook niet als een pietjeprecies en met smetvrees hun duiven behandelen.

Kweekdoffers 2017

  • Jouke Waterlander: de oude 143 en Abzu, beide teletekstvliegers op St. Vincent.
  • Wim Wittebol: zoon van zijn geweldige 954 (tweemaal teletekst op St. Vincent). 
  • Ultsje en Jelle Jellema: dubbel ingeteelde kleinzoon Orion, zoon Hellas, zoon Teun, zoon Isa.
  • Gerrit Veerman: kleinzoon super36 en betuwe koppel
  • Jos Pepping: zoon Barcelonawinnaar NH x Barcelonaduivin Volkens

Kweekduivinnen 2017

  • Piter Beerda: ooievaarduivin
  • Toon Schults: halfzus van de 1e nat. Barcelona’12 van Toon Schults (te koop)
  • Ultsje en Jelle Jellema: dochter Orion x Mirna, kleindochter Pallas, Mighty Mo, dochter Hilton, dochter Bergeracdoffer, dochter Hellas).
  • Jos Pepping: kleindochter Waggeltje
  • Jouke Waterlander: inteelt 621

Momenteel is de oudste kweker de 143 van Jouke Waterlander, zoon van zijn stamdoffer 631:

image

 

 

 

Jaarlijks wordt het kweekbestand uitgedund, de duiven die na 2 jaar geen nakomelingen meer hebben zitten in de hokken hier of ergens anders, die moeten het veld ruimen. Na 3 jaar moet er zicht zijn op kinderen of kleinkinderen die goed genoeg gepresteerd hebben om zelf te mogen blijven. Verder zijn er zoals ieder jaar weer een paar ‘probeersels’.

Meer over die Beerda-duiven
Van 100-1300 km hebben de duiven van Piter Beerda uit Ter Idzard hun invloed in de duivenwereld. Ontelbare mensen slagen met nakomelingen, wat voor mij de discussie welke duiven je moet hebben voor de grote fond erg overzichtelijk maakte. Als Arie Dijkstra er besten van heeft voor dag -en nachtfond, als Wittebol ze in de kruising bijna 20 keer op teletekst pakt in sector 4, als Jellema overnacht en ZLU-duiven kan klokken als een Zwitsers uurwerk, dan is er maar één antwoord voor mij: duiven uit de lijnen van de 90 en late van ´88 (822) van Piter. Bijzonder karaktervolle duiven die, mits goed geselecteerd, inzetbaar zijn op alle afstanden. Door de nauwe verwantschap zijn ze ook prima te kruisen tegen andere soorten.

De oorsprong
De ‘Oude Belg’ en de ‘Oude 40’ zijn stamvaders van het hok van Piter Beerda. De ‘Oude Belg’ komt van Jacques Tournier uit Lommel en stond gekoppeld aan de ‘Van Der Hoek-duivin’ (NL69-956668). De ‘Oude 40’ stond meestal gekoppeld aan de NL69-956665, een kleindochter van de ‘Oude Belg’. Het grootste succes was toen kinderen van ‘Het Oud Koppel’ in 1981 op een loodzware Bergerac (1029 km), met hoge temperaturen, een noordoosten wind en een helderblauwe hemel, de 1e en 6e Provinciaal wonnen. De 10e Provinciaal was ook nog een zoon van ‘Het Oud Wijf’ (duivin Oud Koppel). Op de eerste dag van aankomst kwamen er maar 16 duiven thuis in Friesland. Zes dagen later werd het concours reglementair gesloten. De 14e Provinciaal werd ook nog gewonnen. En dat met maar zes duiven mee. Het was voor deze duiven hun eerste vlucht op de grote fond. En ook hun laatste, want eind 1981 zou er worden verhuist. Nog steeds laten deze duiven zien dat ze zowel het dagprogramma als de grote fond prima aankunnen (bron: site Arie Dijkstra)

In het verkoopprogramma van de in 2011 helaas overleden Piter Beerda staat het volgende over de basisduiven van het Beerdasoort:
In hetzelfde jaar als “De Oude Belg” kwam ook een donkerkras doffertje de NL66-911440, “De Oude 40”, op de Beerda-hokken. Hij is in tegenstelling tot zijn Belgische hokgenoot wel gespeeld op de wedvluchten. “De Oude 40” werd 1e Asduif Midfond in 1967. Hij won vele kopprijzen, met o.a. een 1e vanaf St. Quentin. Vooral als de omstandigheden zwaar waren zat hij altijd van voren. Hij is afkomstig van Dick Postma uit Leeuwarden en het enige wat bekend is van zijn afstamming is dat zijn vader van het soort Tournier en de moeder van het soort Jan Aarden was.

Even verderop in de catalogus…
STAMDOFFERS DE 90 & DE 822
Hier hebben twee unieke doffers waarvan de stam Beerda volledig is doordrenkt.
Wat betreft hun voorouders, daar weten we alles al van met het verhaal dat hiervoor is gehouden. De nakomelingen van “De 90” en “De 822” waren en zijn tot bijzondere prestaties in staat. Een mooi voorbeeld is de NPO-vlucht Ruffec van 2004. Piter zelf wint hiervan de 1e met een kleindochter van “De 90” gevolgd door Samantha van Gerrit van Vilsteren en Iris van Jelle Jellema. Oftewel van 3 verschillende liefhebbers winnen nakomelingen van “De 90” de 1e, 2e en 3e NPO op dezelfde vlucht. Een kleindochter van “De 90” is “De 02” van Jelle Jellema, jarenlang de vaste partner van “Zwart Goud”. Samen vormen ze een superkoppel met kinderen als Saffier en Orion. Kinderen van “De 02” winnen o.a. 1e Nat. Ruffec 3285 d. S4, 6. Nat. Bergerac 4588 d. S4, 6. NPO Brive 1502 d., 8. NPO Brive 1894 d. en 8. NPO Ruffec 1936 d.
Ook de Donkere Kweker, zoon van de 90, heeft bij Jellema veel invloed als vader van de Bergerac-doffer. Koppeling Tournier/Beerda-soort x Aarden, waar lazen we dat eerder? Er zijn nog diverse voorbeelden, o.a. St. Vincent’11 waar de 1e twee in sector 4 van Gerrit van Vilsteren afstammen van zijn Jellema-duiven, de 3e plek is voor Ultsje Jellema met Sophie en plaats 4 wordt ingenomen door Wim Wittebol met de 954. Zeven jaar later herhaalt de geschiedenis zich, die zich ook al herhaalde in 2004 na 1981 en ook daartussen werd de suprematie van de Beerda’s meermalen getoond. Als het op oriëntatie aankomt en op karakter, dan laten ze je niet zitten.

De basis van mijn kweekhok
In 2005 werd de basis gelegd voor het huidige duivenbestand. Er kwam een ronde late jongen van Piter Beerda, die in een rennetje achter onze tijdelijke woning werden gehuisvest. Het werd een barre herfst en een aantal ervan werden uitgeselecteerd. In 2006 werd de huidige woning gebouwd en in 2007 werden de hokken bevolkt met de eerste duiven voor kweek en vlieg. De Beerda’s kregen gezelschap van een aantal jaarlingen van Jouke Waterlander uit toen nog Scharsterbrug, zodat de eerste overnachtvluchten ook gespeeld konden worden. En er werden vooral veel jongen gekweekt uit de Beerda’s, in kruising of zuiver. Diverse soorten werden uitgeprobeerd als kruisingsmateriaal. Intussen zijn vooral Jellema’s en Waterlanders over, die liggen mij het best (of andersom).
De eerste jaren lieten al zien dat ‘pure’ Beerda’s teveel geselecteerd waren naar de programmavluchten en de eendaagse fond, mijn vizier ligt op de verste vluchten dus door gerichte selectie vielen er de nodigen af.
Sinds 2014 zijn er geen duiven van die ronde laatjes meer aanwezig en zijn er (afgezien van de later gekochte ooievaarduivin) alleen nog rechtstreekse Beerda’s in de stambomen terug te vinden, voornamelijk afstammelingen uit lijn 690, 822.

Door in Compustam met codes te werken voor vliegers, kwekers, verspeeld en uitgeselecteerd, is er relatief snel overzicht te krijgen over de kweek -en vliegresultaten.

Advertenties

Eén reactie op “Duiven

  1. Good website! I truly love how it is simple on my eyes and the data are well written. I am wondering how I might be notified when a new post has been made. I have subscribed to your RSS feed which must do the trick! Have a nice day!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s